Rouwcurves bij de inzet van een congestieverzachter
Een Utrechts bedrijf plaatste bijna 5 MW gasgestookt vermogen voor congestiemanagement, in ruil voor 100 kW extra afnamecapaciteit. Slim, maar intern pijnlijk: gas inzetten botst met duurzaamheidsdoelen. Het NEcN bracht deze rouwcurve in kaart en maakte een handreiking voor het vergunningstraject, zodat anderen dit proces sneller kunnen doorlopen.

Het probleem
Door netcongestie in de FGU-regio (Flevoland, Gelderland, Utrecht) zochten Stedin en TenneT naar regelbare opwek. Een bedrijf bood daarvoor zijn terrein in Utrecht aan en plaatste bijna 5 MW gasgestookt vermogen voor congestiemanagement in ruil voor 100 kW extra afnamecapaciteit voor de eigen bedrijfsvoering. Een slimme ruil, maar niet zonder interne strijd.
Want het inzetten van een gasgestookte installatie als oplossing voor netcongestie botst met de duurzaamheidsdoelen die veel bedrijven zichzelf hebben gesteld. Die spanning, tussen wat nu nodig is en waar je naartoe wilt, noemen we een rouwcurve. Het tijdelijk loslaten van duurzaamheidsambities voelt voor veel ondernemers als een stap achteruit, ook al is het in de praktijk een noodzakelijke stap vooruit. Dezelfde rouwcurve speelt bij TenneT zelf: de CO2-uitstoot van de gasturbine wordt toegerekend aan TenneT, wat intern weerstand oproept.
De rol van NEcN
Het NEcN organiseerde een experttafel over de realisatie van de gasturbine in relatie tot de Energiewet en ACM-regelgeving. Maar de rol van NEcN gaat verder dan het wegnemen van juridische en procedurele drempels. Door de rouwcurves in kaart te brengen en bedrijven deelgenoot te maken van elkaars ervaringen, verlaagt NEcN ook de mentale drempel. Want als je ziet dat anderen voor jou dezelfde afweging hebben gemaakt en dat het werkt, wordt de stap om zelf te handelen een stuk kleiner.
Zo versnellen we samen de toepassing van oplossingen die vandaag nodig zijn, op weg naar een net dat morgen écht duurzaam is.
De aanpak
Uit de experttafel volgt een praktische handreiking voor het vergunningstraject, zodat toekomstige bedrijven dit proces sneller en met minder weerstand kunnen doorlopen.
De impact
Het bedrijf krijgt ondanks netcongestie extra transportcapaciteit. Voor Stedin en TenneT betekent dit bijna 5 MW extra beschikbare capaciteit in het congestiegebied.



